Als je gewoon je geurende sojakaars hebt aangestoken en uitgeblazen zonder enig onderhoud te plegen, heb je jezelf en je kaarsen een slechte dienst bewezen. Door slechts een paar kleine stappen te nemen - zoals het trimmen van de lonten en het beschermen van de was tegen stof - kan je je kaars langer en gelijkmatiger laten branden. Ontdek waarom je de lont van de kaars moet knippen, plus zes andere tips voor het verzorgen van uw kaars.

 

Waarom je de lont zou moeten trimmen

Het trimmen van een kaarslont is zo'n klein verschil dat het lijkt alsof het niet te veel invloed moet hebben op het gebruik van jouw kaars. Immers, je kaars zal nog steeds branden of je nu wel of niet de lont knipt, toch? Hoewel dit technisch gezien waar is, kan de kleine actie van het trimmen van de lont helpen om de levensduur van je kaars met maar liefst 25 procent te verlengen en hem er mooi te laten uitzien.

Als je een lont lang laat staan, heb je een grotere vlam, die meer was zal smelten en de kaars meer brandstof zal geven. Deze grotere hoeveelheid brandstof kan leiden tot een onvolledige verbranding, wat op zijn beurt meer roet veroorzaakt, waardoor uw kaarscontainer zwart en vuil wordt. Veel lange lonten vormen ook een kleine krul bovenop de kaars, waardoor er een ongelijkmatige vorm ontstaat die de neiging heeft om te wankelen, wat de roetvorming verergert.

Het uitblazen van een sojawaskaars

Door de lont van de kaars te knippen, wordt de hoeveelheid gesmolten was (d.w.z. brandstof) waartoe de kaars toegang heeft, onder controle gehouden, wat helpt om de hoeveelheid roet die hij creëert te beperken. De getrimde lont helpt ook de kaars gelijkmatiger te branden, waardoor het roet wordt gecontroleerd en de levensduur van de kaars wordt verlengd. (Het verminderen van het roet maakt het ook makkelijker om de kaarspot opnieuw te gebruiken als je klaar bent met het branden van de kaars).

Elke keer dat je een kaars vier uur lang brandt, dooft je de vlam en laat je de kaars afkoelen tot kamertemperatuur. Dit duurt meestal ongeveer twee uur voor grotere kaarsen. Daarna trim je de lont van de kaars tot een achtste tot 0.5 cm voordat je de kaars weer aansteekt. Je kan een schaar gebruiken in het begin, maar als de kaars brandt is het makkelijker om een nagelknipper of een schaar gebruken.

 

Andere Tips voor Kaarsverzorging

Het trimmen van een lont is niet het enige wat je kunt doen om je kaars te verzorgen en langer te laten meegaan. Deze zes tips helpen je om je kaars op soja- of kokosnootbasis er net zo mooi te laten uitzien als op de dag dat je hem kocht:

1 Brand de kaars ongeveer twee uur lang tijdens de eerste keer dat hij brandt. Dit zorgt ervoor dat de hele eerste laag was vloeibaar wordt en daarna weer stolt. Als je de kaars niet lang genoeg brandt, zal alleen het gebied direct rond de lont smelten. Dit kan leiden tot tunneling, waarbij alleen het midden van de kaars afbrandt, waardoor er een ring van harde was aan de buitenkant van de kaars overblijft.

2 Brand de kaars niet langer dan vier uur per keer. Als je eenmaal voorbij de vier uurgrens bent, begint de was super te verhitten, wat de geur van de kaars kan verminderen. Het draagt ook bij aan het ontstaan van rook, die de houder van de kaars markeert en verder rotzooit met de geur.

3 Knip de lont korter als deze beweegt of buigt. Als je merkt dat de lont van de kaars tijdens het branden is verschoven, blaas dan de vlam uit en laat de kaars afkoelen. Gebruik dan je vingers, pincet of tang om hem naar het midden toe te bewegen en recht te zetten. Het kort houden van de lont zal ook helpen om te voorkomen dat hij omvalt.

4 Laat de kaars niet in een tochtig gebied staan. Tocht en wind zorgen ervoor dat de kaars ongelijkmatig brandt en kunnen zelfs de vlam volledig doven. Blijf uit de buurt van ventilatieopeningen, ventilatoren, open ramen, AC-units en andere plaatsen waar de vlam kan worden blootgesteld.

5 Houd de bovenkant van uw kaars schoon en stofvrij. Als je je kaars niet vaak brandt (hoewel we niet weten waarom je dat niet zou doen!), zal de bovenkant stof en andere deeltjes ophopen. Het opbergen in een afgedekte kast of het vervangen van het deksel (als dat er is) kan helpen om de bovenkant vrij te houden. Als je er toch wat stof op ziet zitten, veeg dan voorzichtig de bovenkant van de was af met een vochtig wattenstaafje voordat je hem weer aansteekt.

6 Laat geen roetsporen achter op de binnenkant van de houder - dit maakt het uiteindelijk veel moeilijker om ze schoon te maken. Dep een beetje zeep op een vochtig watje en veeg het over het roet tot de vlekken eraf komen. Laat het glas volledig drogen voordat u de kaars weer aansteekt.